Doopkaarten: tekst en wat erop moet

Een doop heeft twee delen die mensen voortdurend door elkaar halen: de dienst in de kerk en het samenzijn erna. De uitnodiging werkt als glashelder is waar elk deel begint en hoe laat.

Wat er sowieso op moet

De naam van het kind, die van de ouders, de kerk met het adres, de aanvangstijd van de dienst en de tijd en plaats van het samenzijn erna. Valt de doop binnen de zondagsdienst, zeg dat dan: het verandert hoe laat je binnen moet zitten.

De aankomsttijd verdient een eigen regel. Te laat binnenkomen valt bij een doop veel meer op dan bij een bruiloft, en «10.45 uur aanwezig, de dienst begint om 11.00 uur» is alles wat je hoeft te schrijven.

  • Naam van het kind en van de ouders
  • Kerk, adres en aanvangstijd van de dienst
  • Namen van peter en meter, als je ze vermeldt
  • Tijd en plaats van het samenzijn erna

Peter en meter, en hoe je ze noemt

In Vlaanderen en het katholieke zuiden staan peter en meter vaak op de kaart, direct onder de ouders. Het is een gebaar dat gewaardeerd wordt en het vertelt de rest van de familie meteen wie ze zijn.

Wil je ze niet noemen, dan is dat ook prima: de doopkaart is geen officieel stuk. Wat je beter niet doet is de een wel noemen en de ander niet.

Voorbeeldteksten

Klassiek: «Lisa en Bram nodigen u van harte uit voor de doop van hun zoon Daan, op zaterdag 12 september om 11.00 uur in de Sint-Michaëlkerk». Informeel: «Daan wordt gedoopt. Zaterdag 12 september, elf uur, Sint-Michaël. Daarna eten we samen».

Voor het deel erna volstaat één regel: «Aansluitend zijn jullie welkom in De Oude Herberg, vanaf 12.30 uur». En wat gasten verder moeten weten — parkeren, of er iets voor kinderen is — komt eronder, klein.

Veelgestelde vragen

Hoe ver van tevoren stuur je een doopkaart?

Drie tot vier weken is gebruikelijk. Reist er familie of valt het in de zomervakantie, neem dan anderhalve maand zodat ze het kunnen inplannen.

Moeten we iets over cadeaus zeggen?

Alleen als jullie een duidelijke voorkeur hebben. Eén korte, vriendelijke regel onderaan is genoeg; zeg je niets, dan doen mensen wat ze altijd doen — meestal een cadeautje of een enveloppe.